Betta’s zijn carnivoren, ze eten dus voornamelijk dierlijk materiaal. Ze eten bijna alles wat voorbij komt, en in de natuurlijke omgeving eten ze vooral (witte of rode) muggenlarven. Deze kunnen worden gekocht als diepvriesvoer of soms als vers voer bij verscheidene dierenzaken. Ook eten ze wel Tubifex. Ze willen vaak geen vlokkenvoer eten, en kunnen ook niet leven van planten in een vaas (zoals soms wel wordt gezegd).
Jonge Betta’s kunnen het best gevoerd worden met levend of bevroren voedsel en pasgeboren visjes hebben het liefst heel klein levend voedsel. Als ze net geboren zijn kunnen ze ook worden gevoerd met voedsel uit een flesje, hiervoor wordt vaak Liquifry gebruikt.
Volwassen vissen kunnen het best 1 a 2 keer per dag gevoerd worden, waarvan één keer met levend voer en de andere keer iets met veel eiwitten (het complete Bettavoer dat wordt verkocht bij dierenspeciaalzaken) Dit levende voer is vooral verstandig als er met de Betta’s gekweekt wil worden, anders kan het levende voer iets minder gefrequent worden gegeven. Geef in ieder geval nooit meer voer dan in vijf minuten kan worden gegeten. Voedsel wat er na die tijd nog ligt dient verwijderd te worden, omdat als dit blijft liggen het gaat rotten en er dan zelfs een soort haren op kunnen ontstaan. Deze zijn giftig voor het aquarium. Verder is het verstandig om de vissen één dag per week niet te voeren, omdat ze dan actief op zoek gaan naar eten en dit goed is voor de fitheid worden ze minder snel te dik.
Als er met Betta’s gekweekt wil worden hebben ze een ander dieet nodig. In dat geval is het goed dat ze meer voedsel krijgen, waaronder veel levend voer. Ze kunnen dat tot 3 maal per dag een beetje gevoerd worden. Ze krijgen dan vooral muggenlarven en één dag per week krijgen ze niks.
Eisen aan het voedsel
Voedsel dient niet meer dan 8% vet te bevatten, omdat dit slecht is voor de lever waardoor ze eerder kunnen overleven. Ook kunnen ze vet moeilijk verteren, en worden ze ook schadelijk. Ook kunnen ze slecht vezels verteren, hiervan moet wel een beetje in het voedsel zitten, maar niet meer dan 5%.
Carnivoren hebben wel meer eiwitten nodig, namelijk zo’n 40-50%, en voor opgroeiende vissen zelfs nog meer. Koolhydraten hebben ze daarentegen minder nodig, en kunnen bij een teveel zelfs de groei nadelig beïnvloeden.
Ook zijn vitaminen en mineralen erg belangrijk voor een vitale vis. Dit is ook vaak toegevoegd aan de voeding en ze kunnen in het aquarium komen door de aanwezigheid van echte planten. Bij gebruik van kunstplanten moet worden opgelet dat dit sowieso via voeding wordt toegediend.